Speech Willem Schutte 16 september 2018

Waarom ga ik hier staan? Dat vroeg ik mij af in de aanloop van deze manifestatie. Ik heb nooit problemen gehad met jz, noch als kind, noch als ouder van een zoon en een dochter. Maar ik had op een gegeven moment een vriendin die twee kinderen had verloren door toedoen van jz, en ik besloot toen dat ik daar wat aan moest doen. Zoals een bekende prediker eens heeft gezegd: De noodzaak is  de roeping. Lieve mensen, Ik sta hier niet om een bijdrage te leveren om problemen onder de aandacht te brengen, of om te protesteren tegen misstanden of iets dergelijks. Ik sta hier maar voor één ding: Om samen met wie dit óók wil de tirannie uit dit land te verdrijven die zich voordoet als een hulpverleningsorganisatie. Dat klinkt gek, wat geeft me de gedachte dat wij zouden kunnen wat zovele anderen niet is  gelukt? Ik wil u verzekeren mensen, er is totaal niets speciaals of bijzonders aan mij. Er is niets bijzonders aan mij en ik hoop dat u het mij niet kwalijk neemt als ik zeg dat, in de ogen van de maatschappij, hier niet zulke hele bijzondere mensen aanwezig zijn. Ik zie geen professoren, politici, of  bekende Nederlanders. Maar wat wij zijn of niet zijn, of hoevelen er vandaag zijn gekomen, is niet zo heel belangrijk. Wat wél belangrijk is, is hoeveel we er voor over hebben om deze tirannie te verdrijven, welke offers we bereid zijn om te brengen, onafhankelijk van of we tenslotte wel of niet succesvol zullen zijn. Als dit ons uitgangspunt is, zal niets van wat wij ondernemen vergeefs zijn.

Om de problemen die ons hier samen hebben gebracht op de juiste manier te benaderen, moeten we weten waar we tegenover staan. Dan dringt zich gelijk de vraag op, waarom? Waarom handelen JZ en de RvK zo overduidelijk tegen het belang van ouders en kinderen terwijl het toch hun voorrecht is voor de zwakke op te mogen komen? We snappen het niet. We begrijpen het niet omdat we een verkeerd beeld hebben van de mens. De gedachte die de grondslag vormt van onze maatschappij is dat als je iemand maar goed opleidt en een redelijk salaris geeft hij vervolgens wel verstandige beslissingen zal maken. Maar diep in het hart van ieder mens schuilt een duistere kant. We zien het veelvuldig in de geschiedenis in Ruanda, in Bosnië, in Iran, om maar een paar voorbeelden te noemen. Toch lijkt meestal alles redelijk goed te gaan, hoe kan dat dan? Om ons te beschermen tegen de duistere kant van de mens hebben we de overheid en de wet. De overheid bestraft mensen die stelen of moorden en houdt het kwaad onder controle. Als de bescherming van de wet wegvalt, dan komt het kwaad aan de oppervlakte. Als om de één of andere reden de politie niet functioneert gaan mensen plunderen, als de wettelijke bescherming van lijf en leden wegvalt zoals indertijd in Ruanda en Bosnië gaan mensen moorden en verkrachten. In Nederland biedt de wet geen enkele bescherming van kinderen en van het ouderschap. Jeugdzorg en de Raad van Kinderbescherming wordt geen strobreed in de weg gelegd om in te grijpen in gezinnen op grond van een stel vage criteria waarbij JZ bepaalt wie slaagt en wie zakt zoals haar goeddunkt. Controle door rechtspraak is, de goeden niet te na gesproken, vaak een wassen neus omdat rechters afgaan op de dossiers van JZ en geen boodschap hebben aan emotionele ouders die volgens JZ een psychische stoornis hebben. Moordenaars hebben in Nederland meer rechten dan kinderen. Het logische resultaat is dat kinderen worden weggehaald bij hun ouders met niet meer aanleiding dan geroddel van een buurvrouw. Ouders worden gesard en vernederd. Alles moeten de ouders slikken omdat anders dat ene uurtje per maand dat ze hun kind nog onder begeleiding mogen zien ook nog wordt afgenomen. Beslissingen door JZ worden niet gebaseerd op feiten, maar gebaseerd op de minachting van mensen met een paar diploma’s op zak voor ouders en het ouderschap. Hier bestaan zelfs mooie termen voor; het onderbuikgevoel of niet pluis gevoel dat voor JZ de maat is van alle dingen en volgens haar waarheidsvinding overbodig maakt.

Zijn jeugdzorgers dan zoveel slechtere mensen  dan anderen? Waren de Ruandezen indertijd zoveel slechtere mensen dan anderen? Nee, maar doordat de overheid carte blanche geeft aan JZ om te doen wat ze wil, geeft dit de gelegenheid aan de meest duistere impulsen in het hart van de mens om naar voren te komen. Lieve mensen, wat hier gebeurt is onze Nederlandse versie van Ruanda, onze eigen polder variant van genocide. Geen gezin in Nederland is veilig zolang deze situatie voortduurt. Dus neutrale toeschouwer, weet dat als u kiest om weg te kijken van wat er gaande is, ze morgen misschien zullen komen om uw kinderen of kleinkinderen weg te halen.

Als we onze blik richten op de vele verschrikkingen die wij hebben meegemaakt en op de daders dan lijken de problemen tot aan de hemel te reiken en lijkt de tegenstander oppermachtig. Als we dat doen zal onze agenda worden bepaald door het vele gekonkel van onze menselijke tegenstanders en zullen we voortdurend achter de feiten aan blijven lopen. Dit spelletje kunnen we niet winnen. Maar als we echter onze blik richten op de oplossing, dan lijkt deze, verrassend genoeg, voor het grijpen. De overheid moet simpelweg weer haar basisverantwoordelijkheid op zich nemen en haar burgers bescherming bieden tegen het kwaad in het hart van de mens. Dit vraagt om een aanpassing van de wet. De ongelimiteerde vrijheid die JZ in het huidige systeem heeft moet drastisch worden ingeperkt. Ingrijpen moet alleen nog worden toegestaan als er hard bewijs is van mishandeling, misbruik of verwaarlozing. Zo’n verzoek moet worden behandeld op dezelfde manier als een juridisch conflict, met twee gelijkwaardige partijen, JZ en de ouders, waarbij beide partijen getuigen kunnen oproepen en bewijs kunnen presenteren, en waarbij de ouders onschuldig zijn tot het tegendeel is bewezen.

Niemand zal ons helpen als we elkaar niet helpen, geen hand zal de onze vastpakken anders dan de hand die we uitreiken naar elkaar. Zoals Abraham Lincoln zei: Haatdragend naar niemand, met een uitgestoken hand naar een ieder, standvastig in het goede, zoals God ons het laat zien, laat ons vastberaden de taak aanvaarden die voor ons ligt om de wonden van onze natie te verbinden. Onder deze voorwaarden kunnen we samenwerken en overwinnen, of, zo men deze uitgestoken hand niet wil aanvaarden, van elkaar scheiden. Voor de rest zal alleen de geschiedenis ons oordelen.

We kunnen de vrijheid zien in elkaars ogen, namelijk dat niemand ons ooit nog zal vertellen wie we zijn en wat we moeten denken. Onze zwakte is onze kracht. Bij velen van jullie is al alles afgenomen, je kinderen, je geld, je vrienden, je zelfrespect. Waar zullen we onze waardigheid nog vandaan halen behalve uit onze strijd voor de kinderen? Wie kan hen nog stoppen die niets meer te verliezen hebben? Al de duisternis in de wereld kan het licht van één enkele kaars niet doven. Laten wij de tirannie aan het licht brengen die zich voordoet als een hulpverleningsorganisatie. We zullen onze stem laten horen in de steden, in de dorpen op de pleinen, gelegen en ongelegen, als dwazen en als leeuwen, als gewond maar vol met kracht, gevuld met woede maar gedreven door liefde, bij applaus en bij hoon, tot deze onverdragelijke tirannie uit ons land is verdreven, tot de deuren van de tehuizen open gaan en onze kinderen thuiskomen.